Tweede Wereldoorlog

Rond 1940 worden tijdens een experiment in Buchenwald 250 zigeunerkinderen vermoord. De genocide en holocaust voor de Sinti en Roma, O Porrajmos zoals ze het zelf noemen, is dan officieel begonnen.

Op 16 mei 1944 vindt er in Nederland een grootscheepse razzia plaats. Er worden 578 zigeunerischen aangehouden en in gereedstaande treinen naar Westerbork getransporteerd.
In het doorgangskamp haalt men er 333 personen uit, omdat zij woonwagenbewoners zijn of beschikken over een paspoort van neutrale of geallieerde naties.
De overige 245, onder wie 147 kinderen, gaan drie dagen later, op 19 mei 1944, met het zogenoemde zigeunertransport naar Auschwitz-Birkenau.
Een van hen is Settela Steinbach, het ‘meisje met de hoofddoek’ dat gefilmd werd in de deuropening van de beestenwagon, vlak voor het vertrek vanuit Westerbork. Zij wordt net als vele anderen in Auschwitz omgebracht.

Van de gedeporteerden komen er na de oorlog slechts 31 terug naar Nederland. Alleen volwassenen. Honderdduizenden tot naar schatting een half miljoen Sinti en Roma over heel Europa zijn voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog omgekomen.